nieuws

Valt schelden binnen vrijheid van meningsuiting?

Arbeidsrecht

Een medewerker liet jarenlang haar kritiek op heftige wijze blijken en verzette zich tegen beleid. Nadat eerder de rechter een schorsing ongegrond achtte, mag de werkgever nu wel overgaan tot ontslag.

Valt schelden binnen vrijheid van meningsuiting?

Al jarenlang stak ze de kritiek op de organisatie intern, maar ook extern niet onder stoelen of banken. Niet ongebruikelijk was dat ze daarbij scheldwoorden gebruikte. Dat ontkende ze niet in de rechtbank. Zelf vindt ze echter dat dit valt onder de vrijhheid van meningsuiting. Volgens haar dachten velen er zo over, maar zei zij het ook.

Haar leidinggevenden en bazen hadden haar al jarenlang gewaarschuwd in gesprekken en functioneringsverslagen. Eerder was ze al een keer op non-actief gesteld, maar de rechter draaide dat besluit toen terug.

Nu oordeelt de rechter:
Geconstateerd kan worden dat als gevolg van de wrijving tussen de werknemer en de directie en leidinggevende in de loop der tijd een verwijdering is ontstaan. Wat hier ook van zij, tot voort kort vormden de botsingen geen aanleiding tot disciplinaire maatregelen of beëindiging van het dienstverband.  Ook bij de recente maatregel waarbij ze uit een deel van haar werkzaamheden bij haar zijn weggehaald  had de werkgever kennelijk nog niet die intentie. In de brief van 24 januari 2012 waarin haar de maatregel wordt meegedeeld, wordt wel gewezen op consequenties voor de werkrelatie indien ze  zich daarover in het openbaar zou beklagen, maar worden overigens geen -disciplinaire- maatregelen in het vooruitzicht gesteld. De reactie daarop, gevolgd door de non-actiefstelling is, naar de kantonrechter ter zitting heeft begrepen, de spreekwoordelijke druppel geweest.  Er is volgens de rechter een onwerkbare situatie ontstaan, die verlammend werkt op de organisatie. De kantonrechter schat die situatie zodanig in dat voortzetting van het dienstverband niet reëel is en ook niet kan worden gevergd. De arbeidsovereenkomst zal daarom worden ontbonden wegens veranderingen in de omstandigheden.

De werknemer eiste C=2, waarbij uitgegaan moest worden van een dienstverband van 22 jaar – wat deels freelanceperiode betrof. Werkgever bood C=0,3 vanaf het moment van indiensttreding, wat neerkwam op een bedrag van 18.500 euro. De rechter besloot tot een vergoeding van 95.000 euro.

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels