nieuws

Stelende medewerker dwingen tot terugbetaling, mag dat?

Arbeidsrecht

Een stelselmatig frauderende kassamedewerkster wordt door haar werkgeefster onder druk gezet om te bekennen en een verklaring te ondertekenen dat zij de schade van € 36 500 terugbetaalt. Mag dat?

Stelende medewerker dwingen tot terugbetaling, mag dat?

Een servicemedewerkster van een Hema-filiaal in Maastricht, in dienst sinds 1988, fraudeert een aantal jaren regelmatig met retourbonnen en incasseert uit de kassa geldbedragen voor zaken die niet retour bezorgd zijn door klanten. Dan wordt zij daarmee – zonder vooraankondiging – geconfronteerd door haar werkgeefster in een verhoorsituatie. Ten overstaan van een HR-functionaris en een bedrijfsrechercheur geeft zij veel toe en tekent zij zelfs een ‘schuldbekentenis’ voor een ‘terug’ te betalen bedrag van € 36.500.

Verklaring ontlokt

Over het feit dat de werkneemster stelselmatig geld van haar werkgeefster in eigen zak heeft gestoken zijn beide partijen het eens. Over het feit of de werkneemster het bedrag van € 36.500 moet terugbetalen echter niet. Twee weken na het confronterende gesprek beroept de werkneemster zich in een brief op vernietiging van de verklaring wegens misbruik van omstandigheden. Daarin bestrijdt zij niet dat zij zich schuldig heeft gemaakt aan de frauduleuze handelingen, maar wel de duur, frequentie en omvang van de fraude en het daarmee gemoeide schadebedrag. Ook vanwege de wijze waarop de HR-functionaris en de medewerker ‘Risk & Fraud Investigations’ haar uitlating en verklaringen hebben ontlokt, verklaart zij in de brief dat de verklaring wegens wilsgebrek moet worden vernietigd.

Bovendien verklaart de werkneemster dat Hema vanwege haar langdurige dienstverband wist dat zij kampte met depressiviteit en een angststoornis. Dat de vrouw tijdens het 2,5 uur durende gesprek een paniekaanval kreeg, dichtsloeg en tijd nodig had om bij te komen toen zij geconfronteerd werd met de verdenking, droeg er aan bij dat zij daags na het gesprek drie dagen in een crisisopvang heeft doorgebracht. Bij nader inzien doet zij daarom afstand van haar verklaring. Zij stelt dat Hema onrechtmatig handelde en eist dat de schadeclaim wordt ingetrokken.

Hema geeft aan dat er binnen die 2,5 uur geen enkel signaal is geweest dat op misbruik of druk uitoefenen wijst en verklaart zorgvuldig te hebben gehandeld door te wijzen op het feit dat het door de werkneemster geschatte schadebedrag van € 84.000 euro te verlagen tot € 36.500.

Lees ook: Wat kan HR doen bij vermoedens van fraude?

Beoordeling: ‘ongepaste druk’

De vordering van Hema, die naast de ‘schuldbekentenis’ verder niet op enig onderzoeksmateriaal is gebaseerd, kan volgens de kantonrechter maar voor een deel slagen. De werkneemster is wel schadeplichtig, maar voor niet meer dan een in goede justitie bepaald bedrag van in totaal € 10.000. Die gedeeltelijke toewijzing is niet terug te voeren op de bewuste ‘betalingstoezegging’, maar op tekortschieten van de rol als goed werkgever.

Zo heeft Hema de werkneemster van tevoren niet geïnformeerd over het doel en de strekking van het gesprek, wat wel van de werkgever verlangd had mogen worden. Daarnaast heeft de werkgeefster misbruik gemaakt van omstandigheden. Zo zou de ongelijkheid van posities, kennis en mate van gemoedsrust door de twee Hema-vertegenwoordigers ongepaste druk uit hebben geoefend op de werkneemster om terstond voor terugbetaling van een door hen bepaald bedrag te tekenen. Hoewel de werkgeefster verklaart dat er geen enkel signaal van misbruik of druk te hebben opgepikt in het gesprek, wijst de rechter er op dat het gesprek 2,5 uur duurde en het gesprek meerdere malen onderbroken moest worden voor de ‘zichtbare ontreddering’ van de vrouw. Daarbij heeft zij niet de kans gehad om zich bij te laten staan voordat zij de verklaring ondertekende.

Vonnis

Bij de bepaling van het te vergoeden schadebedrag keert de lange duur van het frauduleuze handelen zich tegen de werkgeefster. Zeker een werkgever als Hema had veel eerder en adequater moeten handelen. Zij zou immers over de middelen hebben beschikt –instructie personeel, controle en handhaving – om de werkneemster eerder te stoppen. Een deel van de door de rechter geschatte schade moet dan voor rekening van Hema blijven. De werkneemster wordt veroordeeld tot een schadebedrag aan Hema te voldoen van € 10.000.

Rechtbank Limburg
Datum uitspraak: 16 juli 2014
ECLI:NL:RBLIM:2014:6408

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels