nieuws

Verklaring omtrent Gedrag blijft uit: reden voor ontslag?

Arbeidsrecht

Een ICT’er in het onderwijs komt maar niet met een Verklaring omtrent Gedrag (VOG) op de proppen. Is dit reden voor ontslag?

Verklaring omtrent Gedrag blijft uit: reden voor ontslag?

Een werknemer is in dienst getreden bij een onderwijsinstelling als ICT-beheerder. Hij is op basis van zogenoemde beroepspraktijkvorming werkzaam. De werkgever heeft hem tijdens de indiensttreding gevraagd een Verklaring omtrent Gedrag (VOG) te overleggen. De Inspectie van Onderwijs staat het namelijk niet toe mensen zonder VOG in het onderwijs toe te laten.

Deadline voor tonen VOG

Na vier maanden kan de werknemer nog steeds niet een VOG overleggen. De werkgever stelt een deadline en anders gaat hij stappen ondernemen. De werknemer blijft vaag en meldt dat zijn advocaat er mee bezig is. De werkgever zet daarop de werknemer op non-actief en gaat over op opzegging van de arbeidsovereenkomst.

De werknemer stapt naar de kantonrechter. Er is volgens hem geen sprake van een rechtsgeldige opzegging. Mocht de arbeidsovereenkomst worden ontbonden, dan eist de werknemer een billijke vergoeding en een vergoeding wegens onregelmatig ontslag. De werkgever stelt dat er sprake is van verwijtbaar handelen en een verstoorde arbeidsverhouding. Op basis van meerdere ontslaggronden, namelijk BW 7:669 lid 3 sub d, e, en g, wil de werkgever ontbinden.
De kantonrechter oordeelt dat de opzegging van de arbeidsovereenkomst in strijd is met artikel 7:671 BW. De opzegging wordt vernietigd. Dan oordeelt hij over de wedertewerkstelling of de ontbinding van de arbeidsovereenkomst. Volgens de rechter heeft de werknemer niet verwijtbaar gehandeld. In de arbeidsovereenkomst was het verkrijgen van een VOG niet als ontbindende voorwaarde opgenomen. Het valt de werknemer niet te verwijten dat hij de werkgever daarover niet informeerde. Ook is er geen sprake van disfunctioneren.

VOG noodzakelijk voor onderwijs

De kantonrechter neemt echter wel de zogenoemde h-grond mee in zijn oordeel. Omdat op basis van de Wet Beroepseducatie een VOG noodzakelijk is voor het doen van onderwijsondersteunende taken, kan van de werkgever niet meer worden gevraagd de arbeidsovereenkomst in stand te houden. Wel vindt hij dat de werknemer geen verwijt kan worden gemaakt; de arbeidsovereenkomst wordt niet direct ontbonden, maar na een bepaalde termijn.

Rechtbank Zeeland West-Brabant
8 april 2016
ECLI:NL:RBZWB:2016:2143

Reageer op dit artikel