nieuws

De hand van Wouter

Geen categorie

De huidige verkiezingsstrijd maakt goed duidelijk hoe weinig betekenis tussentijdse opiniepeilingen hebben. Twaalf maanden geleden stond de VVD in de politieke barometer op een magere score van zeventien zetels. En nu, op de drempel van 9 juni, is Mark Rutte opeens de gedoodverfde premier. Voor iemand die zoals ik al twintig jaar lid is van de PvdA, is het wat sneu om Cohens aarzelende optreden op televisie te moeten aanschouwen. Ook met de last-minute aanpassingen van het PvdA-verkiezingsprogramma (de eigen bijdrage in de zorg en AOW-leeftijd) maakt Cohen bepaald geen sterke indruk.

Dat laatste reken ik Job Cohen niet aan. Nadat Wouter Bos in maart had aangekondigd de politiek te zullen verlaten, bleef hij tot aan het partijcongres eind april de touwtjes stevig in handen gehouden. Bos dicteerde wie er op welke plaats op de kandidatenlijst terecht kwam en hij dicteerde hoe het verkiezingsprogramma eruit kwam te zien. Zo kon het gebeuren dat de oud-directeur van de Wiardi Beckman Stichting, Paul Kalma, op een niet direct verkiesbare plek op de lijst belandde. Kalma is een eigenzinnige man en Wouter blieft louter meelopers.

De verwarring nu rond het PvdA-verkiezingsprogramma komt ook uit Wouters koker. Wouter denkt altijd van twee walletjes te kunnen eten. Dus hoor je hem ferme taal uitslaan over de graaizucht van bankiers maar geen concrete maatregelen nemen om de bonussen te beperken. Het PvdA-standpunt over de JSF was van hetzelfde laken een pak. Voor een leek volkomen ondoorgrondelijk. Door te pretenderen dat de AOW-maatregel in 2015 in plaats van 2020 van kracht zou worden, hoopte de partij zelfs het Centraal Planbureau voor het lapje te kunnen houden.

Cohen zal inmiddels spijt als haren op zijn hoofd hebben dat hij Wouter de weken tot aan het partijcongres zijn gang heeft laten gaan. "Dat overkomt mij niet weer," brieste hij tegen de verslaggever van het Radio 1 Journaal. Job Cohen is uit heel ander hout gesneden dan Bos. Hij schuwt het niet verantwoordelijkheid te nemen voor impopulaire maatregelen en probeert zaken niet mooier voor te stellen dan ze zijn.

Gelukkig voor Cohen en de PvdA hebben de werkgevers en werknemers afgelopen week in de Sociaal Economische Raad een principeakkoord bereikt over verhoging van de AOW- en pensioenleeftijd naar 66 jaar met ingang van 2020. Bliksemsnel riep Cohen voor de camera de andere partijen op om het akkoord te steunen. De PvdA wil net als de sociale partners pas over tien jaar beginnen met verhoging van de pensioenleeftijd, terwijl CDA, VVD en D66 eerder willen beginnen.

Na tien jaar in New York te hebben gewoond ben ik wars van het Nederlandse gemillimeter over  de koopkrachtplaatjes. New Yorkers weten dat niet de overheid maar zijzelf in de eerste plaats verantwoordelijk zijn voor hun eigen koopkracht. Dat laat onverlet dat binnen de Nederlandse context de ietwat nurkse en hakkelende Job Cohen mij duizend keer liever is dan de opportunistische Wouter Bos.

Heleen Mees

Reageer op dit artikel