nieuws

Werknemer discrimineert via Facebook

Instroom

Pikken, beledigen en discrimineren. Het lijkt een duidelijke zaak. Maar de kantonrechter ziet geen hard bewijs voor de diefstal en constateert dat het contract van de betreffende werknemer ook na de belediging nog werd verlengd. De uitlatingen op Facebook zijn echter voldoende aanleiding om te spreken van een onwerkbare relatie. De werknemer ontvangt een minimale ontslagvergoeding.

Een werknemer is op basis van een contract voor bepaalde tijd in dienst als hulpmonteur bij een installatiebedrijf. Zijn jaarcontract is intussen al verlengd en loopt tot eind 2012. Vlak voor het verstrijken van zijn eerste contract wordt hij aangesproken door zijn werkgever op zijn gedrag bij een klant. De hulpmonteur heeft namelijk zijn ongenoegen getoond over een planning en haalt daarbij ook nog eens vloekend en tierend zijn werkgever door het slijk. De werkgever waarschuwt hem dat dit echt niet door de beugel kan.

Een maand later pikt de hulpmonteur snoep uit de keukenkast van een klant en ook daar wordt hij door zijn werkgever op aangesproken.

Vervolgens laat de werknemer wat berichten achter op Facebook. Hij beledigt en discrimineert een collega door te zeggen dat hij weer met die zwarte mee moet naar een klus. Ook noemt hij zijn collega een mongool.

Vertrouwensbreuk
De directeur van het installatiebedrijf waarschuwt de werknemer dat dit niet wordt getolereerd en uiteindelijk verregaande consequenties heeft. Er is volgens de werkgever sprake van een vertrouwensbreuk en daaruit kan niet anders worden geconcludeerd dan dat de arbeidsovereenkomst niet langer zal voortduren. Daarop verzoekt de werkgever de kantonrechter het arbeidscontract op korte termijn te ontbinden primair op grond van een dringende reden en secundair op grond van gewijzigde omstandigheden. De redenen zijn onder andere de discriminerende uitlatingen via Facebook en het ongepaste gedrag bij de klant.

Toch wil de werkgever niet direct ontslag op staande voet geven. De werknemer mag nog (heel) even blijven doorwerken, maar als er nog een dergelijk incident plaats vindt dan behoudt de werkgever zich het recht over te gaan op ontslag op staande voet.

De werknemer geeft toe dat hij zich negatief en niet netjes heeft uitgelaten over zijn collega via Facebook. Ook zegt de hulpmonteur dat hij inderdaad gemopperd heeft over zijn werkgever in het bijzijn van de klant, alleen had hij niet door dat de klant zijn gemopper had opgevangen. Het incident vond plaats vlak voordat zijn jaarcontract werd verlengd. Overigens ontkent de werknemer dat hij snoep heeft gestolen uit de keukenkast van een klant. Het snoepgoed lag op het aanrecht en de klant had toestemming gegeven om wat snoep te nemen.

Snoepjesincident
Volgens de kantonrechter is het belangrijke bewijs betreffende discriminatie en belediging via Facebook wel geleverd. Dat de werknemer zich negatief over zijn collega heeft uitgelaten, is laakbaar. Het snoepjesincident kan de werkgever volgens de rechter niet hard maken. De werkgever heeft dit incident van horen zeggen doorgekregen, maar er is geen vaststaand bewijs dat het ook zo is gebeurd. De werknemer heeft naar mening van de kantonrechter betwist dat hij snoep heeft gestolen. Samen met het gemopper over de werkgever hebben deze incidenten geen invloed op de beoordeling van deze zaak mede omdat het contract na dit incident verlengd werd.

Ook vindt de kantonrechter de discriminerende opmerking via Facebook niet doorslaggevend. Er was geen laatste waarschuwing gegeven, dus ook geen sprake van een dringende reden.

Toch constateert de kantonrechter dat een verdere samenwerking tussen de werkgever en werknemer niet meer mogelijk is. De vertrouwensrelatie tussen hen is zodanig geschaad dat het beter is dat de arbeidsovereenkomst zo snel mogelijk wordt beëindigd. Ondanks zijn kwetsende opmerkingen jegens zijn collega krijgt de werknemer toch een minimale ontslagvergoeding.

Uitspraak: Rechtbank Arnhem, 11 april 2012

Reageer op dit artikel