nieuws

‘Slecht zicht op vraag naar arbeid’

Instroom

Beleid ontwikkelen voor de arbeidsmarkt? Da’s knap lastig, want we hebben beperkt zicht op de vraag naar arbeid, blijkt uit wetenschappelijk onderzoek. Drie maatregelen voor beter inzicht.

‘Slecht zicht op vraag naar arbeid’

“We hebben slecht zicht op de vraag naar arbeid. Daardoor is het moeilijk om effectief beleid te ontwikkelen voor de arbeidsmarkt, het onderwijs en de sociale zekerheid.” Dat is de stelling van arbeidssocioloog Peter Donker van Heel die hierop volgende week vrijdag promoveert aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Vraag naar arbeid moeilijk te meten

Voor zijn proefschrift  ‘Definiëren en meten van vacatures in dynamisch perspectief’ deed de promovendus onderzoek naar de definities van vacatures en het verkrijgen van beter inzicht in die vacatures. Zijn conclusie: met de huidige internationaal gangbare definitie van vacatures hebben we beperkt zicht op de vraag naar arbeid. “Vacatures zijn ook moeilijk te meten: bestaande bronnen spreken elkaar tegen, statistieken geven substantiële onderschattingen van het aantal vacatures, schetsen veelal een selectief beeld en soms is het onduidelijk hoe de statistieken tot stand zijn gekomen, zoals bij cijfers van online vacatures”, aldus Donker van Heel.

De definitie sluit volgens hem ook niet aan bij de perceptie van bedrijven, werkzoekenden en intermediairs. “Daarnaast is het een statische benadering van het vacatureconcept, terwijl de vacaturemarkt juist heel dynamisch is. En de definitie komt ook niet overeen met de definitie van een baan.”

Volgens Donker van Heel is dat alles problematisch, omdat we daarom onvoldoende in staat zijn om goed beleid te ontwikkelen voor de arbeidsmarkt, het onderwijs en de sociale zekerheid.

Aanbevelingen voor meer zicht op arbeid

Om de situatie te verbeteren geeft Donker van Heel een aantal maatregelen voor om het zicht op de arbeidsmarkt te verbeteren.

  1. Er moet een nieuwe definitie van vacatures komen, waarbij  ze – net als banen – worden gedefinieerd in termen van contracten.
  2. Er zijn betere metingen noodzakelijk. De bestaande methoden om vacatures te meten voldoen niet. Er moet een nieuw meetinstrument ontwikkeld worden waarmee vacatures op bedrijfsniveau worden geregistreerd, om zo een goed beeld te verkrijgen van de baanmogelijkheden.
  3. Niet alleen de actieve, maar ook de ‘latente’ vraag naar arbeid moet gemeten worden. Daarbij dient rekening gehouden te worden met de atypische vraag, zoals vrijwilligerswerk, werkervaringsplaatsen, gesubsidieerd werk, stagemogelijkheden en begeleid werken. Maar ook de vraag naar uitzendkrachten moet beter in beeld worden gebracht.

Deze maatregelen zijn volgens Donker van Heel nodig om beter zicht te krijgen op baankansen voor werkzoekenden. “Voor werkzoekenden met een grote afstand tot de arbeidsmarkt – bijvoorbeeld de doelgroepen van de Participatiewet – is het van belang de bestaande vacatureinformatie te verbeteren”, aldus de promovendus.

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels