nieuws

Vanaf 2017 gelden nog slechts twee bijtellingspercentages

Instroom

Als een medewerker jaarlijks meer dan 500 privékilometers rijdt met een auto van de zaak dan geldt de fiscale bijtelling privégebruik. Deze moet u bij het loon optellen. Waar moet u rekening mee houden?

Vanaf 2017 gelden nog slechts twee bijtellingspercentages

De bijtelling is een percentage van de cataloguswaarde van de auto inclusief btw en motorrijtuigenbelasting (bpm). De Belastingdienst stelt de bijtelling vast met de CO2-uitstoot (gram CO2 per kilometer) van de door u aan de werknemer ter beschikking gestelde auto.

Twee bijtellingspercentages

Tot 2017 waren er een groot aantal bijtellingspercentages tussen de 4 en 25 procent. Vanaf 2017 hanteert de fiscus nog maar twee percentages. Deze gelden voor nieuwe auto’s die vanaf 1 januari 2017 zijn goedgekeurd voor de weg. Het bijtellingspercentage voor auto’s die volledig elektrisch rijden (met een CO2-uitstoot van 0 gram per kilometer) is nu 4 procent. Alle andere auto’s hebben voortaan een percentage van 22 procent. Voor auto’s die voor 1 januari 2017 waren toegelaten op de weg gelden de oude bijtellingspercentages.

Eigen bijdrage

U kunt uw werknemers een eigen bijdrage vanuit hun nettoloon vragen voor het privégebruik van de auto. Hierdoor wordt de bijtelling verlaagd en is er per saldo minder loonheffing verschuldigd. Voorwaarden is dat u de bijdrage vooraf heeft afgesproken met de werknemer. Is de eigen bijdrage hoger dan de bijtelling dat kan dit nooit tot een fiscale aftrekpost leiden.

Verklaring geen privégebruik auto

Een werknemer die met een auto van de zaak jaarlijks maximaal 500 kilometer privé rijdt, kan een ‘Verklaring geen privégebruik auto’ aanvragen bij de Belastingdienst. Hij moet daarbij overtuigend kunnen aantonen dat hij met de auto niet meer dan 500 privékilometers heeft gereden. Dat kan met een sluitende rittenregistratie. De verklaring is niet nodig als u een (collectieve) afspraak heeft gemaakt met de Belastingdienst. Uw werknemer kan deze afspraak als bewijs gebruiken om de bijtelling te voorkomen. Hij hoeft dan ook geen rittenregistratie bij te houden.

Sluitende rittenregistratie

Een sluitende rittenregistratie bevat algemene gegevens zoals het merk, type en kenteken van de auto, de periode waarin de werknemer in de auto rijdt en de naam van de bestuurder. Daarnaast moet de werknemer per gemaakte rit de datum registreren, de begin- en eindstand van de kilometerteller, het volledige adres van vertrek- en eindpunt en of het een privérit of een zakelijke rit was.

Verbod op privégebruik

Wilt u niet dat uw medewerkers privékilometers afleggen met een auto van de zaak dan kunt u schriftelijk een verbod op privégebruik vastleggen. Bewaak de naleving van het verbod en leg bij overtreding van het verbod een sanctie op. Zorg daarnaast dat de werknemer geen ‘Verklaring geen privégebruik auto’ aanvraagt. De Belastingdienst let op deze punten.

Bestelauto’s

Voor bestelauto’s van de zaak die werknemers privé mogen gebruiken, geldt in principe dezelfde bijtelling als voor personenauto’s. Rijden uw medewerkers uitsluitend zakelijke kilometers met de bestelauto, dan mogen ze de ‘Verklaring uitsluitend zakelijk gebruik bestelauto’ gebruiken. Ze hoeven dan geen rittenregistratie bij te houden.

Naheffingsaanslag

Als u of uw werknemer het zakelijke gebruik niet kunnen aantonen dan kunt u of de werknemer een naheffingsaanslag en eventueel een boete van de Belastingdienst krijgen. Zorg daarom voor een sluitende ritregistratie en ga na of uw werknemers aan alle eisen voor het zakelijk gebruik voldoen. Voor wie de aanslag of boete is, hangt af van de specifieke situatie. U leest hier meer over op de site van de Belastingdienst.

Centraal Beheer

Nog veel meer lezen over de bijtellingspercentages? Download dan het e-book Wegwijs in Arbeidsvoorwaarden

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels