blog

Rijnstraat: Ambtenaren gruwelen van eigen werkplek

Organisatie & Strategie

Rijnstraat: Ambtenaren gruwelen van eigen werkplek

Het is een document om nog eens na te lezen. De ambities die het Rijksvastgoedbedrijf had voor Rijnstraat 8, het kantoor waar het ministerie van Buitenlandse Zaken, van Infrastructuur en Waterstaat en enkele diensten van het ministerie van Justitie en Veiligheid in gehuisvest zijn.

Het kantoor dat afgelopen week in De Telegraaf werd besproken onder de veelzeggende kop AMBTENAREN GRUWELEN VAN HET WERKEN IN ’MEGAMINISTERIE’. Sorry voor de taalfouten in de kop, maar als je chocoladeletters gebruikt moet je soms een woordje laten vervallen anders past het niet. Wat stond er ook eigenlijk in het ambitiedocument uit 2012? Het Rijkskantoor: Efficiënt en Aantrekkelijk. De werkelijkheid van vandaag is dat medewerkers ontevreden zijn, minder productief en een enkeling zelfs een klaptafel en eigen stoel meeneemt om te kunnen werken. Is dit het definitieve failliet van het Programma Rijkswerkplek?

Het was in mijn herinnering 2008 dat het Rijkswerkplek programma vriendelijk verzocht of zij mochten komen kijken bij een pilotproject van Rabobank Nederland in het kader van de nieuwe manier van werken. Ik was toentertijd programmamanager van Rabo Unplugged. We ontvingen hen in Beneluxstaete, een traditioneel bestaand gebouw dat oorspronkelijk geschikt was voor 250 mensen maar werd ingericht voor het dubbele aantal door invoering van een nieuwe manier van werken.

Op die bewuste dag stopte een grote bus voor het pand in Utrecht. 26 mensen, vooral mannen, stapten uit, van wie 25 van facilities/huisvesting en 1 ICT’er. Op dat moment besefte ik dat het Programma Rijkswerkplek volledig ging mislukken. Bij de begroeting vroeg ik nog vriendelijk of er niet meer IT’ers in het programma zaten, of de HR-afdeling de bus had gemist. De vragen leidden alleen maar tot verwarring.

In mijn toelichting vertelde ik dat Rabobank een nieuwe manier van werken had ontwikkeld omdat klanten andere eisen stelden. Daarom was een nieuwe manier van werken noodzakelijk. Ik vertelde dat we meer dan een jaar hadden nagedacht over de visie op werken, Rabo Unplugged, en dat we meer dan 30 procent van de medewerkers actief betrokken hadden in het ontwikkelen van de visie. En ik vroeg ze in hoeverre zij HR hadden geïntegreerd in het Programma Rijkswerkplek, omdat een integrale aanpak cruciaal was. Ik zag alleen vragende ogen.

In 2012 werd de ambitie van Rijnstraat 8 beschreven. In het 52 pagina’s tellende document staat welgeteld vier keer het woord medewerker. Uitgebreid wordt wel aandacht besteed aan het feit dat Rijnstraat 8 een Rijkskantoor wordt, waarin diverse ministeries gehuisvest gaan worden. En juist daar zit het probleem.

Een werkomgeving geeft betekenis. Een kantoor is onderdeel van de identiteit van de organisatie. Van veraf zie je het oranje van een ING-kantoor, het blauwe van de Gamma, of het geel/blauwe van de NS. Maar wie een Rijkskantoor nadert, ziet vooral niets. Hooguit een blauw bordje naast de ingang met daarop de Nederlandse leeuw, zo’n klein bordje, dat werd ingevoerd door premier Jan Peter Balkenende.

De anonimiteit van dit soort kantoren is een belangrijk probleem. Niemand voelt zich thuis en het is one size fits all. Het is niet ontwikkeld vanuit de doelstelling om ambtenaren beter te ondersteunen, maar vanuit de ambitie om zoveel mogelijk vierkante meters en dus geld te besparen. Hoewel het vanuit de theorie volledig klopt blijkt het in de praktijk niet te werken. Het Programma Rijkswerkplek had dat natuurlijk moeten weten. Bijvoorbeeld uit onderzoek. En ook natuurlijk uit andere voorbeelden. Want ging het ook al niet fout met de Kromhoutkazerne? Ook daar was het gebouw belangrijker dan de mensen.

Een ambtenaar wil gewoon zijn werk doen en heeft daarvoor een aantal dingen nodig. Een goed salaris, de juiste werkafspraken, nieuwe HR-regels, passende ICT, leidinggevenden die in staat zijn resultaatgericht te sturen en natuurlijk een passende werkomgeving voor als hij en zijn collega’s naar kantoor komt. De werkelijkheid is helaas anders.

Oh ja, en de Bestuursraad – de secretaris-generaal en de directeur-generaal – kon natuurlijk niet meedoen aan de nieuwe manier van werken. Zij kregen – van hetzelfde Programma Rijkswerkplek – een aparte gang met werkkamers.

Denkt u dat het Programma Rijkswerkplek dit probleem gaat oplossen?

Henny van Egmond is partner bij Yolk, het bureau voor praktische strategieën voor verandering en communicatie. 

Reageer op dit artikel