nieuws

Volledige aansprakelijkheid is ondoenlijk voor werkgever

Arbeidsrecht

Volledige aansprakelijkheid is ondoenlijk voor werkgever

Wanneer de Hoge Raad elke zaak waarin een werknemer letsel heeft opgelopen bij een arbeidsongeval werknemer-vriendelijk behandelt, is dat “als het openen van het oog van een naald waardoor zich dan drommen kamelen een weg banen”.

Dat concludeert de procureur-generaal van de Hoge Raad in het cassatieverzoek van een werknemer die gewond raakte bij het lossen van een lading uit een vrachtwagen. De man viel van de laadklep en brak zijn heup. Hij stelde zijn werknemer aansprakelijk omdat het profiel van de laadklep zou zijn versleten en hij ook geen juiste pomp ter beschikking zou hebben gesteld.
De kantonrechter vond dat dat de werkgever niet kon bewijzen alles te hebben gedaan om het ongeval te voorkomen, en stelde hem aansprakelijk. Het gerechtshof in Amsterdam vernietigde dat vonnis in hoger beroep. De werknemer ging vervolgens in cassatie.

De procureur-generaal stelt “dat werknemers die van een vergoeding verstoken blijven, zeker in het huidige kille economische klimaat, in een heel weinig benijdenswaardig parket kunnen belanden. Degenen die daarop wijzen, hebben inhoudelijk gelijk; hun pleidooien voor verdergaande bescherming van werknemers zijn op zich sympathiek en begrijpelijk. Maar ze zijn, met alle respect, ook een beetje eenzijdig.”

Het is volgens de procureur-generaal niet aan een rechter om – tegen de zin van de wetgever in – een (volledige) risicoaansprakelijkheid in het leven te roepen. Dit zou vooral kleinere werkgevers op onoverkomelijk hoge kosten kunnen jagen, juist omdat er zo vaak arbeidsongevallen plaatsvinden. De stap naar volledige werkgeversaansprakelijkheid noemt de procureur-generaal activistisch. Deze is volgens hem alleen mogelijk voor toekomstige gevallen, omdat werkgevers en verzekeraars zich hierop moeten kunnen instellen. Het is volgens hem niet de rechterlijke macht die de werknemer daarmee in de kou laat staan, maar de wetgever.

De procureur-generaal zegt in zijn conclusie dat de Hoge Raad in diverse arresten een bouwwerk van werkgeversaansprakelijkheid gestalte heeft gegeven dat, binnen de grenzen der wet, tegemoetkomt aan de maatschappelijke opvattingen. Het is volgens hem lange tijd onrustig geweest op het gebied van werkgeversaansprakelijkheid, maar dat het er even op leek dat de “praktijk” inzag dat er met cassatieverzoeken niets meer te halen valt. Het gerechtshof vindt dat de werkgever voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat hij heeft geprobeerd gevaarlijke situaties te voorkomen, onder meer door getuigen die verklaren dat laadkleppen niet slijten. Wanneer de Hoge Raad nu een werknemer-vriendelijker benadering zou kiezen, opent hij daarmee volgens de procureur-generaal het oog van de naald.  “Vast staat dat daardoorheen een karavaan kamelen zal gaan trekken.”

LJN: BZ7196, Hoge Raad , 12/04584

Reageer op dit artikel