nieuws

Arbeidsongeval treft sollicitant, heeft hij recht op doorbetaling van zijn salaris? [rechtspraak]

Arbeidsrecht

Een sollicitant loopt als onderdeel van de sollicitatieprocedure een dagje mee in een bedrijf. Hem overkomt tijdens die dag een ernstig arbeidsongeval. De sollicitant vindt dat hij op de loonlijst hoort te staan en eist doorbetaling van zijn salaris, dan wel een vergoeding van gederfde inkomsten. Maar heeft hij daar ook recht op?

Arbeidsongeval treft sollicitant, heeft hij recht op doorbetaling van zijn salaris? [rechtspraak]

Alles lijkt goed te gaan voor de sollicitant op 11 juni 2018. Hij loopt een dagje mee met een ervaren kracht in het bedrijf waar hij zelf ook als orderpicker een contract voor onbepaalde tijd hoopt te krijgen. Hij luncht met de andere medewerkers en gaat weer aan de slag. Dan slaat het noodlot toe. Zware glasplaten vallen van een heftruck op het been van de sollicitant. Hij loopt door dit arbeidsongeval een gecompliceerde beenbreuk op.

Ziektewetuitkering

De sollicitant vraagt bij het UWV een Ziektewetuitkering aan. Hij krijgt aanvankelijk nul op het rekest omdat hij niet in dienst is bij een werkgever die voor hem premie betaalt en hij daarom dus niet onder een werknemersverzekering valt. De sollicitant maakt hier succesvol bezwaar tegen.

Mondelinge toezegging

Daarmee is zijn strijd echter nog niet gestreden. De advocaat van de sollicitant sommeert de werkgever om de werknemer te betalen voor de meeloopdag op 11 juni. Maar daar eindigt het niet mee. De sollicitant zegt dat dit zijn eerste werkdag was en dat er mondeling is toegezegd dat hij hierna in dienst zou komen. Hij vindt dus dat hij vanaf 12 juni maandelijks zijn loon van vijftienhonderd euro moet ontvangen, of een vergoeding voor gederfde inkomsten.

De werkgever is een heel andere mening toegedaan. Het is bij het bedrijf gebruikelijk om sollicitanten eerst een dag mee te laten lopen als onderdeel van de sollicitatieprocedure. Zo kunnen beide partijen bepalen of ze bij elkaar passen. Pas daarna wordt er gesproken over een arbeidsovereenkomst.

Hogerberoep

Volgens de kantonrechter maakt de sollicitant onvoldoende hard dat er voor hem een andere afspraak is gemaakt en zijn claim wordt afgewezen. De sollicitant gaat daarop in hoger beroep.

Het gerechtshof in ‘s-Hertogenbosch overweegt het volgende. Een arbeidsovereenkomst komt tot stand door aanbod en aanvaarding (artikel 6:217 BW). Aanbod en aanvaarding kunnen mondeling plaatsvinden. Voor de totstandkoming van een arbeidsovereenkomst is niet noodzakelijk dat de overeenkomst schriftelijk is vastgelegd, zij het dat bepaalde bedingen zoals een proeftijdbeding (artikel 7:652 BW) alleen geldig zijn als zij schriftelijk zijn overeengekomen.

Arbeidsovereenkomst zonder expliciete afspraken

Ook is het volgens het hof niet uitgesloten dat een arbeidsovereenkomst tot stand komt zonder dat expliciet een gedetailleerde afspraak over de arbeidsvoorwaarden is gemaakt; die arbeidsvoorwaarden kunnen onder omstandigheden zo nodig in een later stadium door de rechter worden vastgesteld. Het gerechtshof noemt het onwaarschijnlijk dat de sollicitant ermee heeft ingestemd om op maandag 11 juni 2018 gratis en voor niets een dag te komen werken. Met zijn meeloopdag heeft hij dus op zijn minst ‘in enige mate aan het arbeidsproces deelgenomen’.

Leestip!

Leestip!

Bijzonder beding

Namens de werkgever stellen verschillende personen echter dat sollicitanten altijd eerst een dag meelopen voor hen een arbeidsovereenkomst wordt aangeboden. Met deze sollicitant is dan ook nog niet gesproken over kwesties als het aantal uren per week waarvoor de arbeidsovereenkomst zou worden aangegaan, de hoogte van het loon, de vraag of de arbeidsovereenkomst voor bepaalde of onbepaalde tijd zou gelden en de vraag of een proeftijdbeding of enig ander bijzonder beding in de overeenkomst zou moeten worden opgenomen. Het hof gaat er daarom niet vanuit dat er een arbeidsovereenkomst is.

Vergoeding van gederfde inkomsten

Hoe zit het dan met de vergoeding van gederfde inkomsten? Door het arbeidsongeval kan de sollicitant gedurende langere tijd niet werken. Volgens het hof valt het wel mee met die gederfde inkomsten. De sollicitant heeft immers met succes bezwaar gemaakt tegen het besluit van het UWV. Hij ontvangt dus een Ziektewetuitkering van 800 euro netto per maand. Dat is 700 euro minder dan de man zou hebben verdiend wanneer hij in dienst was gekomen van het bedrijf. Tussen het ongeval en de rechtszaak in hoger beroep zit ongeveer acht maanden. Het hof berekent dat acht keer 700 euro een bedrag oplevert van 5600 euro aan inkomsten die hij is misgelopen.

Voorschotten van verzekeraar

De verzekeraar van de werkgever heeft echter al twee keer een bedrag overgemaakt als voorschot op de totale schade. De eerste keer was dat een bedrag van 5000 euro, gevolgd door een bedrag van 7500 euro. In totaal heeft de werknemer dus al 12500 euro ontvangen. Het hof gaat er vanuit dat dit voldoende is om de geleden inkomensschade van 5600 euro en ook de inkomensderving voor een aantal toekomstige maanden te dekken. Er is volgens het hof geen enkele reden om aan te nemen dat de verzekeraar in de toekomst zal weigeren om aanvullende voorschotten te betalen, wanneer daar goede reden toe is.

Oordeel van het hof

De werkgever hoeft de sollicitant daarom niet ook nog eens maandelijks 1500 euro als vergoeding voor gederfde inkomsten. Nu de claim in hoger beroep is afgewezen, moet de sollicitant de proceskosten betalen.

Gerechtshof ‘s-Hertogenbosch | ECLI:NL:GHSHE:2019:491

Reageer op dit artikel