artikel

Beroep op een gewetensbezwaar – ontslaggrond f

Arbeidsrecht

Beroep op een gewetensbezwaar – ontslaggrond f

De ontslaggrond gewetensbezwaren (het weigeren van werkzaamheden wegens ernstige gewetensbezwaren) is de f-grond binnen de Wet werk en zekerheid (WWZ).

Bekijk hieronder de video over ontslaggrond f waarin mr. J.A. Buur van KZO|013 Advocaten de belangrijkste aandachtspunten voor u als HR-professional op een rij zet en een relevante casus bespreekt.

 
Als een werknemer een gewetensbezwaar aanvoert dat uitvoering van bepaalde taken in de weg staat, kan dat een redelijke grond voor beëindiging van de arbeidsovereenkomst opleveren, op voorwaarde dat aannemelijk is dat die taken niet in aangepaste vorm verricht kunnen worden.

Gewetensbezwaar onoverkomelijk

Er is sprake van een ernstig gewetensbezwaar als de werknemer een “onoverkomelijk bezwaar” heeft tegen de opgedragen taak. Het kunnen overwegingen van religieuze aard zijn, maar ook maatschappelijk erkende ethische en politieke motieven kunnen aan de bezwaren ten grondslag liggen. Voorbeelden uit de parlementaire geschiedenis zijn:Afwegen gewetensbezwaar

  • het drukken en verspreiden van uitgaven met een onzedelijk of kwetsbaar karakter;
  • de aanleg van wegen door natuurgebieden;
  • het verzekeren van bontjassen;
  • het meewerken aan de bouw van een kerncentrale.

Bij ontbinding van de arbeidsovereenkomst op een gewetensbezwaar is de werkgever een transitievergoeding verschuldigd, mits het dienstverband langer dan 24 maanden heeft geduurd.

Weigerambtenaar

Sinds de Wet werk en zekerheid in werking is getreden, is er voor zover bekend nog geen beroep gedaan op de ontslaggrond (f) gewetensbezwaar. Als er al een zaak wordt behandeld inzake een gewetensbezwaar dan kan het al gauw landelijk nieuws zijn. In 2011 was er nog veel commotie over de weigerambtenaar in Den Haag. Deze ambtenaar weigerde huwelijken te sluiten tussen mensen met hetzelfde geslacht en werd daarvoor uit zijn ambt gezet. De zaak baarde veel opzien. De trouwambtenaar had de publiciteit gezocht en zijn verhaal gedaan over zijn gewetensbezwaar. Dat was voor de gemeente Den Haag de druppel. Er werden tot de Centrale Raad van Beroep (CRvB) processen gevoerd over dit ontslag. In 2016 oordeelde de CRvB dat de gemeente rechtmatig had gehandeld en er terecht ontslag was gegeven.

Medio 2014 stemde de Eerste Kamer in met een initiatiefwetsvoorstel van D66 waar in werd geregeld dat ambtenaren niet meer kunnen weigeren om mannen- of vrouwenstellen in de echt te verbinden. Zittende weigerambtenaren blijven echter ongemoeid maar gemeenten kunnen deze ambtenaren wel overplaatsen.

Artikel 7:669 BW

1.       De werkgever kan de arbeidsovereenkomst opzeggen indien daar een redelijke grond voor is en herplaatsing van de werknemer binnen een redelijke termijn, al dan niet met behulp van scholing, in een andere passende functie niet mogelijk is of niet in de rede ligt. Herplaatsing ligt in ieder geval niet in de rede indien sprake is van verwijtbaar handelen of nalaten van de werknemer als bedoeld in lid 3, onderdeel e.

3.       Onder een redelijke grond als bedoeld in lid 1 wordt verstaan:

….

f. het weigeren van de werknemer de bedongen arbeid te verrichten wegens een ernstig gewetensbezwaar, mits aannemelijk is dat de bedongen arbeid niet in aangepaste vorm kan worden verricht;


Tip

Lees alles over de redelijke gronden in het dossier Einde arbeidsovereenkomst.

Ontslagrecht

Weigeren bloedtest

Voor de inwerkingtreding van de Wet werk en zekerheid zijn diverse ontslagzaken de revue gepasseerd waar gewetensbezwaren een rol speelden. In 2014 weigerde een brandweerman een bloedtest bij zijn opdrachtgever. De werknemer was tewerkgesteld bij een terminal waar tanks stonden die loodhoudende benzine bevatte. Alvorens werkzaamheden moeten worden uitgevoerd, is het van belang een zogenoemde nulmeting uit te voeren betreffende de loodblootstelling. Wanneer de werkzaamheden zijn beëindigd, wordt nog eens een test gedaan. Hiermee kan een verschil worden vastgesteld. De werknemer doet echter een beroep op bescherming van de persoonlijke levenssfeer en de onaantastbaarheid van het lichaam en weigert een bloedtest. De weigering leidt uiteindelijk tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst (ECLI:NL:GHSHE:2014:1718).

Beslaglegging uit den boze

Ook een andere zaak vlak voor de inwerkingtreding van de Wet werk en zekerheid is een interessante uitspraak gezien de huidige ontslaggrond f. Zo is een werknemer in dienst van een deurwaarderskantoor. Eén van de kernactiviteiten van de deurwaarder is het beslagleggen op goederen, zoals roerend goed. De werknemer (kandidaat deurwaarder) is sinds 2009 in dienst. Hij weet in de loop der jaren het uitvoeren van beslagleggingen te omzeilen. In het begin wordt dit nog getolereerd. Tijdens zijn carrière is de werknemer even arbeidsongeschikt geraakt, maar na iets meer dan een jaar pakt de deurwaarder zijn werkzaamheden weer op. Voordat hij terugkeert, heeft de werknemer nog een gesprek met de HR-adviseur. In dit gesprek doet de werknemer een beroep op gewetensbezwaren. Hij weigert namelijk bepaalde functietaken zoals beslagleggingen uit te voeren. Na meerdere gesprekken blijft de werknemer volharden, waarop de werkgever een vaststellingsovereenkomst wil forceren. De werknemer stemt hier niet mee in. De werkgever stapt dan naar de rechter. Er is volgens de werkgever sprake van gewichtige redenen de arbeidsovereenkomst te ontbinden zonder toekenning van een vergoeding.

Kernactiviteiten deurwaarder

De kantonrechter concludeert dat het uitvoeren van beslag- en executieopdrachten tot één van de kernactiviteiten van de deurwaarder behoort. De werknemer meent echter dat hij na zijn terugkeer uit arbeidsongeschiktheid met zijn leidinggevende heeft afgesproken dat hij geen beslagleggingen zou gaan doen, echter kan hij dit niet bewijzen op welke datum dit is afgesproken. De rechter vindt deze afspraak dan ook niet aannemelijk. Er zijn geen vrijstellingen voor de werknemer binnen zijn functie.

Verder heeft de werkgever de afgelopen jaren enkele speerpunten in zijn beleid doorgevoerd. Een belangrijk speerpunt is het leggen van beslag op inkomen. Wanneer dit onvoldoende resultaat heeft, dient beslag op roerende goederen te worden gelegd. Omdat de werknemer dit pertinent weigert, komt de efficiency van het team deurwaarders in de knel. De werknemer probeert het nog één keer. Hij zegt dat het beslagleggen niets oplevert, maar ook dat is volgens de rechter geen reden om dan maar geen beslag te leggen. Al met al lukt het de werknemer niet om de rechter te overtuigen en wordt de arbeidsovereenkomst ontbonden. De werknemer krijgt echter wel een billijke vergoeding van tienduizend euro. Volgens de rechter wegen de omstandigheden van het geval, de leeftijd van de werknemer en de hoogte van zijn loon, mee. (Bron: Rechtbank Limburg, 17 maart 2015 – ECLI:NL:RBLIM:2015:2243)

Reageer op dit artikel