artikel

De 30%-regeling voor buitenlandse werknemers

Arbeidsrecht

Werknemers die vanuit een ander land naar Nederland komen om hier te werken krijgen vaak te maken met extra kosten, zogenaamde extraterritoriale kosten (ETK).

De 30%-regeling voor buitenlandse werknemers

Om het Nederlandse vestigingsklimaat aantrekkelijk te maken en omwille van ons internationale concurrentievermogen als kenniseconomie, kunnen buitenlandse werknemers in aanmerking komen voor compensatie van hun ETK. Compensatie kan op twee manieren plaatsvinden. Allereerst kan de werkgever de werkelijk en in redelijkheid gemaakte kosten onbelast vergoeden, waarbij de kosten in de loonadministratie moeten worden bijgehouden. Daarnaast kan de werkgever 30 procent van het loon onbelast betalen (de gerichte vrijstelling). In dat laatste geval wordt gesproken van de 30%-regeling en is het dus niet van belang of de kosten daadwerkelijk worden gemaakt.

Specifieke deskundigheid

Om van de 30%-regeling gebruik te kunnen maken, moet de werknemer beschikken over een specifieke deskundigheid. Voor het bepalen van de specifieke deskundigheid die vereist is voor de toepassing van de 30%-regeling geldt een salarisnorm. Een werknemer wordt verondersteld die specifieke deskundigheid te hebben, als hij een jaarloon heeft van meer dan € 37.743. Voor werknemers jonger dan 30 jaar met een Nederlandse mastergraad in het wetenschappelijk onderwijs, of een hiermee gelijkwaardige graad in een ander land, geldt een jaarloon van minstens € 28.690. Bestaat het werk uit het doen van wetenschappelijk onderzoek, dan geldt geen minimum jaarloon.

Volgens staatssecretaris Snel van Financiën worden de meeste gebruikers van de 30%-regeling gevonden in het universitair hoger onderwijs, gevolgd door de IT- (software)branche. Wanneer vrijwel alle werknemers in een branche voldoen aan de inkomensnorm, geldt ook een schaarste-vereiste: de deskundigheid van de werknemer is dan niet of nauwelijks te vinden op de Nederlandse arbeidsmarkt. Denk bijvoorbeeld aan profvoetballers.

Kortere looptijd per 1 januari 2019

Uit onderzoek zou blijken dat het gebruik van de 30%-regeling zich bij ruim 80 procent beperkt tot vijf jaar. Van de 20 procent die langer dan vijf jaar van de regeling gebruik maakt, blijft een substantieel deel structureel in Nederland. In dat licht is de looptijd van de 30%-regeling per 1 januari 2019 verkort van acht naar vijf jaar. Een zelfde looptijd wordt ook door andere Europese landen gehanteerd. De kortere duur geldt ook voor bestaande gevallen, zij het (bij wijze van overgang) per 1 januari 2021.

 

Dit artikel is geschreven door Stëffan de Jong, arbeidsrechtadvocaat bij Banning.

Reageer op dit artikel