nieuws

Werkgever op de stoel van de bedrijfsarts [rechtspraak]

Arbeidsrecht

Een werknemer van een adviesbureau meldt zich ziek met knieklachten. Haar werkgever vindt dat ze nog best kan werken en weigert de ziekmelding te accepteren. De kwestie escaleert tot een ontslagzaak wegens werkweigering. Staat de werkgever in zijn recht?

Werkgever op de stoel van de bedrijfsarts [rechtspraak]

De bedrijfsadviseur wordt niet gehinderd door al te veel kennis van het arbeidsrecht, zo veel is wel duidelijk tijdens de zaak voor de kantonrechter. Want anders had deze werkgever wel geweten dat alleen een bedrijfsarts een diagnose kan stellen. Vijf dagen nadat de werknemer meldt dat ze wegens knieklachten en het gebruik van pijnstillende medicijnen niet naar kantoor kan komen, schrijft de werkgever: ‘Gezien u werk voornamelijk zittend is kunt u ook van kantoor werken. Wij kunnen er voor zorgdragen dat u geen trappen hoeft te klimmen. Ik verwacht dan van u dat u vanaf morgen op kantoor bent. En dat de uren die u heeft gemist ingehaald worden.’

De toon is gezet.

Arbeidsongschiktheid

Twee dagen later spreken werkgever en werknemer elkaar en geeft de vrouw aan dat haar klachten dermate zijn toegenomen dat zij haar werk ook niet meer vanuit huis kan doen. Desondanks stelt de werkgever nog diezelfde dag een ‘addendum op de arbeidsovereenkomst’ op. Hierin staat dat de werknemer haar werkzaamheden tot nader overleg vanuit huis zal verrichten, zonder enige uitleg over de reden daarvan. Per telefoon dringt de werknemer er op aan dat hieraan wordt toegevoegd  dat zij tijdelijk werkzaamheden vanuit huis zal verrichten in verband met haar arbeidsongeschiktheid

Wanneer de werkgever weigert deze aanpassing te doen, laat de werknemer op 6 april 2018 nogmaals weten dat zij zich op 22 maart 2018 ziek heeft gemeld. Zij vraagt haar werkgever deze ziekmelding door te geven aan het UWV zodat er een afspraak met de bedrijfsarts of arboarts kan worden ingepland.

Ziekmelding niet geaccepteerd

Op 9 april schrijft de werkgever dat het bedrijf advies heeft gevraagd aan een advocaat en dat hij de ziekmelding niet accepteert.

Ook de werknemer schakelt nu juridische bijstand in en haar gemachtigde legt het de werkgever duidelijk uit: ‘Niet u als werkgever, maar de bedrijfsarts is als medisch specialist de aangewezen persoon om een ziekmelding te beoordelen en de belastbaarheid te bepalen. U kunt niet eigenhandig bepalen of cliënte wel of niet arbeidsongeschikt is. Daarnaast heeft cliënte u per e-mailbericht van 6 april 2018 verzocht om haar door een arboarts of bedrijfsarts te laten uitnodigen. Dit heeft u nagelaten. Derhalve heeft u de ziekmelding ten onrechte geweigerd.’

De gemachtigde vraagt de werkgever nogmaals om de werknemer uit te laten nodigen door een bedrijfsarts.

Loondoorbetaling gestaakt

De werkgever reageert hierop door de loondoorbetaling van de werknemer te staken. De werknemer stuurt op 1 mei een mail naar haar werkgever met het verzoek het loon te betalen en een afspraak te maken met een bedrijfsarts. De werkgever meldt haar op 2 mei schriftelijk dat haar arbeidsovereenkomst per 30 april is opgezegd wegens werkweigering. De vrouw maakt bezwaar tegen het ontslag en geeft aan inmiddels zelf een deskundigenoordeel te hebben aangevraagd. Deze acht haar met ingang van 19 juni arbeidsgeschikt. De werknemer laat haar werkgever weten beschikbaar te zijn voor haar werk.

De reactie van de werkgever laat aan duidelijkheid niets te wensen over: ‘U bent niet meer werkzaam bij dit bedrijf. Dit is u bekend. Het verlof en de aanvraag hiervan is ook niet meer van toepassing. Reden ontslag is bekend.

De beurt is aan de kantonrechter.

Blunderen met ziekmelding voor eigen risico

De kantonrechter oordeelt dat de werkgever blijk geeft weinig kennis te hebben van het arbeidsrecht. Het excuus dat het bedrijf geen personeelsadviseur in dienst heeft, doet volgens de kantonrechter niet ter zake. Wie blundert met ziekmeldingen, doet dat voor eigen risico.

Want dat de werknemer zich op 22 maart heeft ziek gemeld, staat volgens de kantonrechter buiten kijf. Dat de werknemer in de eerste paar dagen thuis nog wat werkzaamheden heeft verricht, maakt dat niet anders. Zelfs wanneer de werknemer zich met terugwerkende kracht had ziek gemeld, zoals de werkgever meent, dan is het volgens de kantonrechter onbegrijpelijk dat het bedrijf geen bedrijfsarts heeft ingeschakeld. Vooral niet omdat de werknemer daar herhaaldelijk om heeft verzocht.

Onverwijlde opzegging

De brief van 2 mei kwalificeert de kantonrechter als een onverwijlde opzegging. Voor de opgegeven grond van werkweigering is dit echter een veel te zware sanctie, zeker gezien het feit de werkgever bewust heeft nagelaten de ziekmelding van de werknemer te controleren. Voor conflicten over arbeidsongeschiktheid kent te wet immers speciale voorzieningen en procedures die de werkgever consequent niet heeft toegepast. De kantonrechter vernietigt de opzegging daarom.

De werkgever moet de werknemer haar achterstallige loon betalen en draait hij op voor de proceskosten. Omdat de arbeidsovereenkomst inmiddels is verlopen, hoeft de werkgever de vrouw niet meer toe te laten op haar werkplek.

Rechtbank Limburg | ECLI:NL:RBLIM:2018:8302

Reageer op dit artikel