nieuws

Scheiden doet lijden op het werk [Rechtspraak]

Arbeidsrecht

Twee echtelieden vechten elkaar de tent uit sinds hun huwelijk op de klippen liep. Omdat ze samenwerken, wordt het gevecht ook bij de kantonrechter gevoerd. Gaat het hier om de schermutselingen van een scheiding of om ernstig verwijtbaar handelen?

Scheiden doet lijden op het werk [Rechtspraak]

Op papier lijkt de rijschool misschien een harmonieus familiebedrijf. De vrouw is eigenaar, de man algemeen directeur. Ook drie van hun vier dochters werken voor de organisatie. Maar schijn bedriegt, zo blijkt bij de kantonrechter. Dat de arbeidsverhouding onherstelbaar verstoord is, is zo’n beetje het enige waarover zij het eens zijn. De man eist bij ontslag een billijke vergoeding omdat zijn vrouw zich als slecht werkgever zou hebben gedragen. Zij wil dat hij met lege handen vertrekt wegens slecht werknemerschap. De vraag is of de kantonrechter ook vindt dat een van de partijen (of allebei) zich schuldig heeft gemaakt aan ernstig verwijtbaar handelen.

Lees ook: Kies de juiste ontslaggrond

Stevige verwijten

De directeur heeft zich op 3 september 2016 ziek gemeld. Per 1 januari 2018 is hij volledig hersteld verklaard. Maar volgens hem wordt het hem daarna onmogelijk gemaakt zijn werk weer te hervatten. En dat zijn niet de minste verwijten die hij zijn vrouw en werkgever doet. Zij zou gedurende lange tijd zijn privacy hebben geschonden door  zijn e-mail-, snapchat- en skype-verkeer te volgen. Bepaalde privéberichten zou  ze zelfs hebben gedeeld met familieleden en soms ook met medewerkers. Ook zou ze bepaald geen blad voor de mond hebben genomen en zich in grove bewoordingen over hem hebben uitgelaten. Hierdoor is zijn gezag als directeur aangetast en kan hij zijn werk niet meer goed doen.

Leestip!

Leestip!

Billijke vergoeding

De directeur vraagt de kantonrechter de arbeidsovereenkomst te ontbinden en vraagt daarnaast om  een transitievergoeding van € 58.680,= bruto, een billijke vergoeding van € 60.000,= bruto en  € 12.000,= voor de vergoeding van zijn juridische kosten. Ook wil hij dat hij binnen veertien dagen een deugdelijke bruto-/netto specificatie ontvangen waarin alle verzochte betalingen zijn verwerkt.

Onterechte ziekmelding

De werkgever schijnt een ander licht op het conflict. Zij claimt dat de directeur zich onder valse voorwendselen ziek heeft gemeld. En niet alleen dat, hij zou ook benzine en andere spullen hebben gestolen en zich vakantiedagen hebben laten uitbetalen die hij eerder had opgenomen. Op 28 september 2018 heeft er een gesprek plaatsgevonden tussen de partijen. De directeur zou toen hebben geweigerd om zijn taken te hervatten en op redelijke verzoeken van zijn werkgever in te gaan.

Ernstig verwijtbaar handelen

De werkgever vindt dat de directeur zich schuldig heeft gemaakt aan ernstig verwijtbaar handelen. Zij vraagt de kantonrechter de arbeidsovereenkomst te ontbinden op grond van artikel 7:669, derde lid, aanhef en onder e, BW en ontslaggrond g, de verstoorde arbeidsverhouding. Omdat de directeur het ontslag volgens haar aan zichzelf te danken heeft, vraagt de werkgever de kantonrechter om geen transitievergoeding toe te kennen, maar de directeur te veroordelen tot het betalen van de proceskosten.

Oordeel kantonrechter

De kantonrechter maakt volstrekt duidelijk dat privézaken privé dienen te blijven. Hij is er niet van overtuigd dat de werkgever ernstig verwijtbaar heeft gehandeld ten opzichte van de directeur. De gestelde privacyschendingen, de fysieke spionage, het zwartmaken van de directeur en de grove bewoordingen waarin de werkgever zich heeft uitgelaten, hebben volgens de kantonrechter duidelijk een relatie tot de privésfeer. Dat de directeur na zijn herstel doelbewust is tegengewerkt bij de hervatting van zijn werkzaamheden, is niet komen vast te staan.

Beschuldigingen

Ook voor ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van de werknemer ziet de kantonrechter onvoldoende aanknopingspunten. De beschuldigingen aan zijn adres: dat hij zich destijds onder valse voorwendselen heeft ziek gemeld, dat hij meerdere keren benzine en andere spullen heeft gestolen, dat hij geld uit de kluis heeft weggenomen en dat hij opgenomen vakantiedagen alsnog heeft laten uitbetalen, zijn door de directeur gemotiveerd weersproken. Ook is de kantonrechter er niet van overtuigd dat de directeur heeft geweigerd zijn taken uit te voeren.

Als de directeur zich beledigend heeft geuit over zijn werkgever, dan moet de oorzaak daarvoor volgens de kantonrechter in de privésfeer worden gezocht.

Transitievergoeding

Er is dus geen sprake van ernstig verwijtbaar handelen door een van beide partijen. Maar dat er sprake is van een verstoorde arbeidsverhouding moge duidelijk zijn. De kantonrechter ontbindt daarom de arbeidsovereenkomst met ingang van 1 mei 2019. Omdat de ontbinding plaatsvind op verzoek van de werkgever, heeft de directeur recht op een transitievergoeding van € 62.207,=.

Non-concurrentiebeding

De directeur vindt dat hij niet gehouden hoeft te worden aan het non-concurrentiebeding in zijn arbeidsovereenkomst. Dat ziet de kantonrechter anders. Maar omdat de directeur niet meer de jongste is en sinds 1990 geen andere werkervaring heeft opgebouwd dan zijn werk voor de rijschool, wordt het beding wel gematigd. De geldingsduur van het beding wordt beperkt tot 1 januari 2020 en de straal rond de vestigingsplaats van de rijschool waarbinnen het beding geldt, wordt teruggebracht tot 15 km.

Rechtbank Den Haag | ECLI:NL:RBDHA:2019:1826

Reageer op dit artikel