nieuws

Pensioenakkoord: de hoofdpunten en de reacties

Instroom

Het kabinet is bereid om de AOW-leeftijd minder snel te laten stijgen en trekt daar de komende jaren structureel vier miljard euro voor uit. Met dit eindbod lijken alle lichten op groen te staan voor het pensioenakkoord waarover negen jaar is onderhandeld.

Pensioenakkoord: de hoofdpunten en de reacties

Het principeakkoord is woensdag 5 juni gepresenteerd.

Stijging AOW-leeftijd

De generatie die nu met pensioen gaat wordt ontzien. De komende twee jaar wordt de AOW-leeftijd bevroren op 66 jaar en vier maanden. Daarna stijgt de pensioenleeftijd geleidelijk naar 67 jaar in 2024. Daarna blijft de AOW-leeftijd stijgen, maar minder snel dan de regering aanvankelijk wilde. Voor elk jaar dat de levensverwachting stijgt, gaat de AOW-leeftijd met acht maanden omhoog. In de oorspronkelijke plannen was dat een jaar langer werken voor elk jaar dat we gemiddeld langer leven.

Werkgevers, vakbonden en kabinet gaan onderzoeken of de AOW-leeftijd in de toekomst gekoppeld kan worden aan 45 dienstjaren.

Doorsneepremie afgeschaft

Jongeren hoeven niet langer onevenredig te betalen voor het pensioen van ouderen die nu stoppen met werken. Met de doorsneepremie leggen de jongeren nu veel geld in de pot, terwijl ze maar moeten afwachten wat er nog over is tegen de tijd dat zij oud zijn. Deze doorsneepremie wordt afgeschaft.

Dat klinkt volgens de SER simpeler dan het is.  “Zonder compensatie staat een groot deel van de mensen die nu pensioen opbouwen, een lager pensioen te wachten. Vooral mensen rond de 45 jaar zouden eindigen met een lagere pensioenopbouw dan voorheen. Zij hebben in een eerdere fase ‘te veel’ betaald voor hun pensioenopbouw, maar ontvangen deze subsidie niet meer terug. Een compensatieregeling voor de overgangsfase moet ervoor zorgen dat alle generaties een goed pensioen krijgen.”

Eerder stoppen

Iedereen mag drie jaar eerder stoppen met werken. Vooral voor mensen met een laag inkomen is dat aantrekkelijk. Werkgevers betalen een boete voor werknemers die eerder stoppen met werken. Een uitzondering wordt gemaakt voor werknemers met een bruto jaarinkomen tot 19 duizend euro. Voor de inkomens boven deze drempel moeten werkgevers over elke euro meer wel een boete betalen.

Leestip!

Leestip!

Toeslagen voor onregelmatig en zwaar werk kunnen belastingvrij worden gespaard voor eerder stoppen. Ook kunnen hiervoor honderd weken verlof worden opgespaard. Dat was vijftig weken. Ook komt er een fonds van 800 miljoen euro voor onder meer investeringen in duurzame inzetbaarheid en scholing. Deze afspraken zijn tijdelijk tot 2025. In de tussentijd wordt gewerkt aan structurele maatregelen.

Lage inkomensvoordeel

Een voor werkgevers relevante maatregel is de beperking van het lage inkomensvoordeel en uitfasering van de regeling voor tegemoetkoming verhoging minimumjeugdloon (jeugd-LIV).

Minder kans op kortingen

Er komt een ander soort pensioenuitkering. Belangrijk verschil met nu is dat pensioenfondsen minder hoge buffers hoeven aan te houden. Daardoor kunnen bij voldoende rendement de pensioenuitkeringen en -opbouw gemakkelijker meestijgen met de prijzen.

De kans op kortingen op de pensioenen wordt kleiner. Afgesproken is dat een korting niet meer nodig is als het pensioenfonds een dekkingsgraad heeft van 100 of meer. Dit geldt momenteel voor de overgrote meerderheid van de fondsen.

Geen verplicht pensioen voor zzp

Er komt geen verplichting voor zzp’ers om een pensioen op te bouwen. Wel moet het volgens het principeakkoord makkelijker worden voor zelfstandigen om deel te nemen aan een pensioenfonds.

Zzp’ers worden wel verplicht om een basisverzekering af te sluiten tegen ziekte en arbeidsongeschiktheid. Er komt wellicht een uitzondering voor zelfstandigen die kunnen aantonen over genoeg middelen te beschikken om zelf het risico voor ziekte en arbeidsongeschiktheid te dragen.

Vakbonden

FNV maakte 31 mei bekend weer te zullen aanschuiven aan de onderhandelingstafel. In de weken daarvoor werd er veel actie gevoerd voor een beter pensioen. Een voorbeeld hiervan was de grote openbaarvervoerstaking op 28 mei.

De vakbonden gingen het overleg in met drie eisen:

  1. Bevries de AOW-leeftijd en schrap de boete op eerder stoppen, zodat mensen met zwaar werk gezond hun pensioen kunnen halen.
  2. Indexatie voor elke generatie: een pensioen dat mee stijgt met de prijzen.
  3. Een pensioen voor iedereen, ook voor zelfstandigen en mensen met een onzeker contract.

Reacties op het akkoord

Minister Koolmees (SZW)

Koolmees is ‘meer dan tevreden en misschien wel een beetje trots’ dat de polder en de politiek na jaren van moeizame onderhandelingen nu samen een antwoord geven op de uitdagingen van de toekomst. Dat was hard nodig, want “we gaan doen wat we niet langer voor ons uit kunnen schuiven”. Hij spreekt van een evenwichtig akkoord, goed voor jong en oud.

De minister zegt er vertrouwen in te hebben dat ook de vakbondsleden zich komende week achter de afspraken zullen scharen. Hij is ingenomen met de steun van oppositiepartijen PvdA en GroenLinks, die hij de afgelopen tijd nauw bij de onderhandelingen heeft betrokken.

De Nederlandsche Bank

Toezichthouder De Nederlandsche Bank (DNB) is blij dat kabinet en sociale partners een principeakkoord over de hervorming van het pensioenstelsel hebben bereikt. DNB-president Klaas Knot zegt dat er belangrijke stappen zijn gezet om het pensioenstelsel beter aan te laten sluiten op de veranderende arbeidsmarkt.

Knot wijst op het afschaffen van de ‘doorsneesystematiek’, die de inleg van jongeren nu nog lager waardeert dan die van ouderen, en maatwerk in het beleggingsbeleid. Volgens de DNB-president zijn daarmee ook belangrijke stappen gezet om spanningen tussen generaties te verminderen.

Pensioenfondsen

Het principeakkoord tussen het kabinet en sociale partners over een nieuw pensioenstelsel is een “belangrijke stap” op weg naar een toekomstbestendige oudedagsvoorziening. Dat laten pensioenfondsen weten in een reactie op de doorbraak in het pensioenoverleg.

Het is nu zaak de afspraken op korte termijn verder uit te werken, laat de overkoepelende Pensioenfederatie weten. Daarbij is het van belang dat de risico’s tussen verschillende groepen eerlijk worden verdeeld, zegt voorzitter Shaktie Rambaran Mishre. Fondsen dragen daar graag aan bij met hun ervaring en kennis.

Volgens ambtenarenfonds ABP, het grootste pensioenfonds van Nederland, bieden de gemaakte afspraken goede uitgangspunten voor deelnemers. Zij hebben baat bij een persoonlijker en duidelijker pensioencontract, aldus voorzitter Corien Wortmann.

De pensioenfondsen voor de metaalsector PMT en PME vinden dat dat aangesloten leden “zeer zeker gebaat” zijn bij de nieuwe afspraken. Die verkleinen namelijk de kans op pensioenkortingen, stellen ze. “Een verlaging hoeft pas bij een beleidsdekkingsgraad onder de 100 procent in plaats van 104 procent.”

FME

Het pensioenakkoord zorgt er volgens FME, de ondernemersorganisatie voor de technologische industrie, voor dat het pensioenstelsel gemoderniseerd kan worden omdat een nieuw pensioencontract onderdeel is van de deal. Het individuele contract sluit volgens de organisatie veel beter aan bij de arbeidsmarkt en de toegenomen arbeidsmobiliteit. Bovendien krijgen werknemers nu meer inzicht in hun pensioenopbouw en wordt de pensioenopbouw voor jongeren eerlijker. Ook hoeven de pensioenfondsen geen torenhoge buffers meer aan te houden.

“Als regelgeving niet heel snel wordt aangepast aan aan de nieuwe werkelijkheid, moeten pensioenfondsen in 2020 alsnog kortingen doorvoeren”, zegt FME-voorzitter Ineke Dezentjé. “Ook als zij een dekkingsgraad boven de 100 procent hebben.” Volgens Dezentjé hangt voor twee miljoen mensen die in de techniek werken een forse korting boven het hoofd. “Dat is natuurlijk onacceptabel.”

Ouderenbonden

Seniorenbond KBO-PCOB is voorzichtig positief over het op handen zijnde pensioenenakkoord. Ingewijden wisten te melden dat er een principeakkoord op tafel ligt. De ouderenbond is blij met de stappen die worden gemaakt maar plaatst nog een enkele kanttekening. De bond spreekt daarom van “positief, maar met risico’s.”

“Door het sluiten van dit principeakkoord worden de pensioenen in 2020 niet gekort en is de kans op indexeren groter. Dat is mooi”, aldus directeur Manon Vanderkaa van KBO-PCOB . “Wel maken we ons zorgen over risico’s op kortingen die op de loer liggen?”

Ook is de ouderenorganisatie benieuwd hoe de uitwerking gaat zijn voor werknemers in een zwaar beroep. “Er is een belofte van eerder stoppen met werken, maar hoe pakt dat uit in de praktijk en waar komt de rekening te liggen”, vraagt Vanderkaa zich af.

Ook de ANBO is redelijk positief over het feit dat de AOW-leeftijd minder snel stijgt en de maatregelen die er komen voor mensen met een zwaar beroep. Maar het principeakkoord roept volgens de Anbo ook ernstige vragen op. De kans dat pensioenen moeten worden gekort lijkt kleiner, maar is niet van tafel.

Dat sectoren de vrijheid krijgen om maatregelen te nemen om mensen met een zwaar beroep eerder te laten stoppen met werken, noemt de ANBO in beginsel positief. Verder noemt de organisatie het zorgelijk dat er voor mensen die nu geen pensioen opbouwen, zoals zzp’ers of bedrijven die niet onder een cao vallen, er de facto niet veel wordt geregeld.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels