artikel

De milieuvoordelen van thuiswerken

Organisatie & Strategie

Het Nieuwe Werken heeft veel voordelen, óók op het gebied van klimaat en duurzaamheid. Zes duurzame redenen om werk te maken van thuiswerken.

De milieuvoordelen van thuiswerken

Wie de voordelen van Het Nieuwe Werken opnoemt, komt al gauw terecht bij kostenbesparingen, werk-privébalans en aantrekkelijk werkgeverschap enzovoort. Maar er is méér. Thuiswerken biedt ook enorme voordelen als het gaat om duurzaamheid.

Eerste reden: CO2

oolstofdioxide is het belangrijkste broeikasgas. En zoals we inmiddels overtuigend weten, verandert ons klimaat door toedoen van dit gas. CO2 komt van nature in de atmosfeer voor, en de concentraties veranderen licht in de loop der miljoenen jaren. Maar de afgelopen 150 jaar (sinds de Industriële Revolutie dus) is de hoeveelheid broeikasgas in de atmosfeer extreem sterk toegenomen.
In Nederland stootten we vorig jaar 168 miljoen ton CO2 uit. Dat is ietsje minder dan in 2016. Het gaat dus licht de goede kant op, maar we moeten beseffen dat we per hoofd van de bevolking nog steeds een van de koplopers in Europa (en dus de wereld) zijn.
Maken we dat immense getal iets behapbaarder (168 miljoen ton is immers wat ongrijpbaar) dan kunnen we zeggen dat een gemiddeld huishouden per jaar 21,6 ton CO2 uitstoot. En die 21,6 ton is de som van een heleboel losse delen: verwarming, voedsel, elektriciteit, kleren, enzovoort. Het aandeel motorbrandstoffen is gemiddeld bijna 2,5 ton. Dat lijkt misschien een druppel op een gloeiende plaat, maar maak de hele straat autoluw en je hebt één huishouden eruit.
Milieu Centraal komt met een simpel rekenvoorbeeld: wie vijf dagen per week van Utrecht naar Amsterdam reist, en daarbij de auto vervangt voor de trein, bespaart bijna 4 ton CO2 op jaarbasis. Omdat de Nederlandse Spoorwegen eigen windparken hebben, staat treinreizen qua uitstoot (min of meer) gelijk aan thuiswerken. En natuurlijk betekent Het Nieuwe Werken niet dat mensen vijf dagen thuisblijven, maar het rekenvoorbeeld maakt de besparingen wel heel inzichtelijk en tastbaar. Die auto laten staan, levert écht significante milieuwinst op. Woon-werkverkeer is goed voor ongeveer 6 miljoen ton CO2 in Nederland per jaar.

Tweede reden: luchtkwaliteit

De luchtkwaliteit in het dichtbevolkte stukje wereld wat we Nederland noemen, is niet zo goed. Er zit namelijk behoorlijk veel fijnstof in de lucht. Fijnstof is een verzamelnaam voor de allerkleinste deeltjes in de lucht. Je moet dan denken aan stofdeeltjes die eenduizendste millimeter groot zijn. Het probleem met die deeltjes is dat ze zó klein zijn dat het lichaam ze moeilijk kan buitenhouden. Heel concreet betekent dat, dat ze bij inademing doordringen in luchtwegen, longen en soms zelfs de bloedbaan. Het gevolg is dat mensen astma, COPD en andere longproblemen krijgen. Als gevolg daarvan sterven volgens het RIVM elk jaar tussen de 7000 en 12.000 mensen. En volgens longartsen verkort fijnstof het leven van Nederlanders met maar liefst 13 maanden. Overigens praten we hier over gemiddelden: in de Randstad zijn de effecten ernstiger dan in Friesland.
Die fijnstof wordt veroorzaakt door een hoop dingen. De natuur zelf helpt niet mee, met vulkaanuitbarstingen, zeezout en saharawinden. Vorig jaar hadden we dagenlang een rode gloed voor de zon, weet je nog? Maar eerlijk is eerlijk: de mens creëert zélf maar liefst 80 procent van alle fijnstofuitstoot. Denk aan veeteelt, vuurwerk, houtkachels, vliegvakanties, en… de auto. Er bestaan prachtige kaarten (zoek op Atlas Leefomgeving) waarin het fijnstof in Nederland opgetekend staat. En wat blijkt: vooral rond de grote verkeersknooppunten is het hommeles. Een direct bewijs dat vooral de auto de boosdoener is.
Natuurlijk zijn auto’s de afgelopen jaren steeds schoner geworden. Roetfilters houden wel 30 tot 95 procent van de uitstoot tegen. En toch weegt dat nauwelijks op tegen de enorme toename van het verkeersvolume én de verhoging van de maximumsnelheid naar 130 km per uur.
Om tegen medewerkers te zeggen: “Leef een jaar langer, werk lekker thuis”, is wat overdreven, maar feit is dat de luchtkwaliteit enorm verbetert als we wat vaker zouden thuiswerken.

Derde reden: infrastructuur

Als we minder reizen, leidt dit automatisch tot minder slijtage aan wegen en spoorlijnen. Ook het onderhoud hiervan (met al die grote vrachtwagens die dat chemisch dampende asfalt aandrukken) draagt bij aan de milieubelasting. Dat niet meer hoeven doen, bespaart niet alleen de schatkist een boel geld, ook is het goed voor het milieu.

Vierde reden: je maag

Ook de derde reden heeft met brandstof te maken, maar dan anders. Om op het werk een topprestatie te kunnen leveren, moeten we af en toe even bijtanken in de vorm van brood, koffie of iets anders.
Wanneer we thuis zijn, pakken we gewoon een bord of een beker. Maar wanneer we buiten de deur zijn, gaat het veel vaker om plastic of kartonnen materiaal (al dan niet voor onderweg) wat we na afloop weggooien. Bovendien is het verleidelijk om jezelf te belonen met een bedrijfslunch of onderweg met iets anders: voedingsmiddelen die zelden op een aardewerken bord liggen en veel vaker verpakt zijn in allerlei wegwerpmateriaal. Ook hier geldt dat de thuiswerker veel duurzamer leeft.

Vijfde reden: oplettendheid

Zelfs wanneer we een thuiswerkvergoeding krijgen, zijn we thuis gevoelsmatig gewoon op privéterrein. En dus is er een ander verantwoordelijkheidsgevoel.
Om een concreet voorbeeld te geven: er is dat rapport van twintig pagina’s waarvan je twijfelt of het slim is om nog even te lezen. Zit je op kantoor naast de printer, dan denk je: ‘Ach wat, ik druk gewoon even op CTRL+P. Maar wie thuiswerkt zal sneller het document eerst even schuin doornemen. Die velletjes papier zul je toch zelf moeten betalen, en printerinkt is ook niet goedkoop.

Toegegeven: mensen bekommeren zich in dit voorbeeld meer om hun portemonnee dan om het milieu, maar het effect is wel degelijk verduurzaming. Als mensen zelf moeten betalen, zijn ze veel oplettender met kostbare grondstoffen.

Zesde reden: kantoorruimte

Een kantoorgebouw neerzetten, onderhouden, verwarmen en schoonhouden heeft een moeilijk te overschatten impact op het milieu. Loonkosten bedragen vaak de grootste kosten van een onderneming, maar huisvestingskosten komen al snel op een tweede plek. Wanneer al je medewerkers gemiddeld één dagje thuiswerken, zou je dus (een beetje kort door de bocht) af kunnen met twintig procent minder kantoorruimte. Zeker wanneer je personeelsbestand wat volume heeft, kan dat behoorlijk in de papieren lopen.
Daarbij komt ook nog eens dat behoorlijk wat kantoren eigenlijk op de verkeerde plek in het land staan, en dat lang niet alle kantoren op een effectieve manier gebruikt worden. Denk aan vergaderzalen die de hele week door verwarmd worden, en maar twee keer gebruikt.

Reageer op dit artikel