artikel

Digitaal leren? Denk aan de persoonlijke aandacht

Personeelsmanagement

Als werkgever wil je je medewerkers natuurlijk goed opleiden. Maar hoe doe je dat? Klassikale trainingen kosten meestal veel reistijd, dus kiezen bedrijven vaak voor e-learning. Een goed idee, maar die e-learning moet wel voldoen aan enkele voorwaarden.

Digitaal leren? Denk aan de persoonlijke aandacht

Jarenlang gaf de docent iedere dag trainingen; jarenlang stond hij voor grote groepen deelnemers. Prachtig werk, maar een mens moet natuurlijk met zijn tijd meegaan. Dus maakt hij de overstap naar de digitale wereld. Hij huurt een studio af en geeft zijn gebruikelijke training – maar nu voor de camera. Het resultaat: e-learning. Studenten krijgen een URL en een code, en ze kunnen de lesstof bestuderen waar en wanneer ze maar willen. Ideaal toch?

Directeur Tom Bos van de NCOI Online Academy, is niet overtuigd. Sterker nog, volgens hem is dit een voorbeeld van slechte didactiek. “Die docent vergeet dat je leren in de fysieke wereld niet zomaar kan overzetten naar de digitale. Online is er gewoon extreem veel meer afleiding. Onverwachte telefoontjes, een stroom van mailtjes en natuurlijk de notificaties van Facebook. Bovendien, de student kan daar ook gemakkelijk aan toegeven. Niemand die het merkt als jij niet op een vaste tijd achter je computer zit, niemand die je belt als je even afhaakt.”

Lees ook: Het nieuwe leren: nooit uitgeleerd op de werkvloer

Interactie

En volgens Bos is er nog iets wat bovengenoemde docent heeft onderschat. “Ervaren trainers zien meteen welke deelnemers de stof snel oppikken, en welke misschien wat achterblijven. Zodra ze iemand ook maar een beetje wazig zien kijken, passen ze de lesstof daar meteen op aan. Ze geven een extra voorbeeld, en het tempo gaat wat naar beneden. In een digitale omgeving is dat soort interactie er niet. En dat alles zie je terug in de slagingspercentages. Die zijn bij onderwijs op afstand drastisch veel slechter.”

Iedereen dus terug naar de schoolklas? Dat is volgens Bos gewoon niet haalbaar. “Ons land telt zo’n 8 à 9 miljoen werkenden. Uit onderzoek van McKinsey blijkt dat die zo’n 3 à 4 uur per week bijscholing nodig hebben. Vermenigvuldig dat met 44 weken per jaar en je komt uit op een Nederlands totaal van 1,5 miljard uur. Anders gezegd: zo’n 20 miljoen trainingsdagen. Dat zijn heel veel uren in de auto. Niet goed voor de productiviteit, niet goed voor het milieu.”

Individuele verschillen

Bos’ oplossing: een online training toegespitst op het individu. “Stel, jij en ik doorlopen allebei een cursus PowerPoint. Dan krijgen wij niet dezelfde lesstof. Want misschien wil ik leren hoe je animaties maakt, en jij niet. Jij wilt juist je bullets aantrekkelijker presenteren, en dat interesseert mij weer minder. Daar komt nog bij dat ik misschien moeite heb met een specifiek deel van de lesstof, en jij weer net met een ander deel. Wij hebben dus allebei meer informatie nodig, en nu en dan een trager tempo – maar wel op heel andere momenten. Wat we dus willen, is een digitaal product, en toch persoonlijke aandacht.”

Lees meer: ‘Laat leren leiden tot positieve ervaringen’

Anno 2019 is dat ook mogelijk. “Dat is het mooie van de techniek”, zegt Bos. “Een groot opleidingsinstituut geeft vaak trainingen aan meer dan 100.000 mensen. Het kan digitaal hun gedrag volgen, en dus ook steeds persoonlijker feedback sturen. Na ieder stuk lesstof, krijgt de cursist een toets, en als die daarbij bepaalde prestaties levert, wordt de training een klein beetje aangepast. Ook beoordeelt het systeem wanneer die cursist de les het beste in zijn inbox kan ontvangen. Levert hij betere prestaties als hij die mail om 8:30 uur ‘s ochtends krijgt, of misschien om 15:30 uur ‘s middags? En o ja, natuurlijk sturen we de cursisten ook een herinnering dat het tijd wordt om weer te gaan leren. Als iemand dan goede progressie boekt, ontvangt hij motiverende complimenten.”

 10-minutenmethode

Het is voor de cursist niet al te moeilijk om die goede progressie te boeken. Want in het ideale geval knipt het trainingsinstituut de stof op in kleine stukjes. Bos pleit voor het zogenoemde 10-minutenleren. “Uit onderzoek blijkt dat het weinig efficiënt is om dagen en dagen achter elkaar op de lesstof de zitten blokken. Veel beter is het om pauzes in te lassen, en wel grote pauzes. Als je iedere dag zo’n 10 minuten leert, zul je verbaasd aan over de resultaten. Logisch, want studeer je langer, dan zal je concentratie afnemen – en juist die concentratie is bij leren essentieel. Maar let op: dat 10-minutenleren werkt het best als je vervolgens met de stof aan de gang gaat. Stel bijvoorbeeld dat je volgende week een presentatie gaat geven. Dan kun je je tijdens een PowerPoint-training voortdurend afvragen, hoe ga ik dit alles dadelijk toepassen?”

Lees ook: Gebruik het nieuwe leren als medicijn

Voor een werkgever biedt zo’n persoonlijke digitale training uiteraard grote voordelen. De medewerkers pikken de stof sneller op, en ze zijn geen tijd kwijt met reizen. Maar volgens Bos is dat niet alles. “Tegenwoordig kan zo’n werkgever gebruikmaken van een leerplatform met tientallen trainingen: van PowerPoint tot fotografie, van Spaans tot Onderhandelen. Het grote voordeel: als een medewerker zo’n training wil volgen, hoeft hij niet langer toestemming te vragen aan zijn leidinggevende, en vervolgens allerlei formulieren in te vullen. Hij kan gewoon inloggen en klikken op de training van zijn keuze. Bijkomend voordeel: al surfend door het aanbod ziet hij wellicht meer terreinen waarin hij zich wil bekwamen. Voor een bedrijf is er dus geen betere manier om het personeel te stimuleren zich blijvend te ontwikkelen.”

Dit artikel is tot stand gekomen in samenwerking met NCOI.

Reageer op dit artikel