AOW-leeftijd in 2028 met drie maanden omhoog

In 2024 tot 2027 staat de AOW-leeftijd op 67. Carola Schouten (ChristenUnie), minister van Pensioenen, laat nu in een Kamerbrief weten dat de AOW-leeftijd vanaf 2028 op 67 jaar en drie maanden komt te staan.

Blijft de AOW-leeftijd stijgen?

Het verhogen van de AOW-leeftijd ging vanaf 2016 met drie maanden per jaar, en tussen 2019 en 2021 was het zelfs vier maanden per jaar. Gelukkig steeg het daarna minder hard. In 2022 is de AOW-leeftijd 66 jaar plus 7 maanden en in 2023 is het 66 jaar plus 10 maanden. In 2024 komt de AOW-leeftijd uit op 67 jaar. Het blijft dan even stabiel. Tot 2027 blijft het getal op 67 staan.

Lees ook: Pensioen; begin hier met de basiskennis

AOW-leeftijd vanaf 2028

Carola Schouten (ChristenUnie), minister van Pensioenen, schrijft nu in een Kamerbrief dat Nederlanders vanaf 2028 AOW-gerechtigd zijn op de leeftijd van 67 en drie maanden. Dan krijgt een werknemer AOW.

Levensverwachting

Voor de bepaling van de AOW-leeftijd kijkt het kabinet naar de gemiddelde levensverwachting die het Centraal Bureau voor de Statistiek verwacht en besluit op basis daarvan of de AOW-leeftijd nog verder omhooggaat. Bij een hogere gemiddelde levensverwachting stijgt de AOW-leeftijd met drie maanden. Het kabinet moet de stijging vijf jaar vooraf melden om mensen tijdig te informeren. Dat geeft ze tijd om aanvullende maatregelen te nemen, zoals bijvoorbeeld extra sparen voor hun pensioen.

Lees ook: 3 misvattingen over de rol van HR rondom pensioen

Beperken of terugdraaien

De AOW-leeftijd komt volgens de meest recente prognoses in 2060 uiteindelijk uit op 71,5 jaar . De vakbonden en werkgevers en een aantal politieke partijen vinden dat een veel te snelle stijging en willen deze stijging beperken of zelfs terugdraaien. Als de AOW-leeftijd te laat stijgt, dan kost dat de schatkist volgens het Centraal Planbureau te veel.

Pensioenrichtleeftijd

De AOW-leeftijd is wat anders dan de pensioenrichtleeftijd voor het aanvullende pensioen. Dat is de fiscale leeftijd voor de maximaal toegestane pensioenopbouw. Deze pensioenleeftijd gebruiken de pensioenuitvoerders voor het berekenen van de pensioenpremie die de werknemer en meestal ook de werkgever betalen.

Pensioendatum

De pensioenrichtleeftijd is hoger dan de AOW-leeftijd. Dit betekent dat als een werknemer op zijn AOW-leeftijd met pensioen gaat, hij geen fiscaal maximaal aanvullend pensioen opbouwt. Dat maakt het voor werkgever en werknemer belangrijk om de pensioendatum financieel zo goed mogelijk te plannen. Maak in het verlengde daarvan goede afspraken over langer doorwerken. Houd hier in uw organisatie rekening mee en zorg voor een beleid om langer doorwerken te faciliteren. Dit kan bijvoorbeeld met een aanpassing van werkzaamheden of werktijden voor uw oudere medewerkers. Let er ook op dat u ook uw oudere werknemers goed blijft scholen. Zo blijft u optimaal gebruik maken van hun inzet en bovendien houdt het hen betrokken.

Berekenen AOW-leeftijd

Op de websites van de Sociale Verzekeringsbank (SVB) en Wijzer in Geldzaken staan rekentools waarmee uw werknemers kunnen berekenen op welke leeftijd ze voor het eerst een AOW-uitkering krijgen.

Nog veel meer lezen over loonkostenvoordelen? Download dan het e-book Wegwijs in Arbeidsvoorwaarden